55% CO2 reductie met nieuwe invoerheffing per 2023 deel 2

In november 2022 plaatsten wij een informatief blog over de beslissing van de Europese Commissie om een nieuwe invoerheffing te introduceren, het CBAM: Carbon Border Adjustment Mechanism. De invoering heeft zoals bekend vertraging ondervonden en er zijn tevens aanpassingen doorgevoerd. Misschien wel de grootste verandering is dat de groep van bedrijven die te maken krijgt met deze wetgeving door de aanwijzing van een aantal specifieke producten, is uitgebreid. Dacht je eind vorig jaar nog de dans te ontspringen? Ben je nu wellicht toch genoodzaakt je te verdiepen in CBAM! Door de uitbreiding van de productenlijst met bijvoorbeeld klein ijzerwaren en diverse aluminium (klein)goederen is de groep ondernemers, op wie deze wetgeving van toepassing is, aanzienlijk groter geworden.

Geschiedenis CBAM

De EU heeft verschillende doelen gesteld op het gebied van uitstoot en beoogt in 2050 te kunnen spreken van een klimaat-neutrale EU. Dat hier sprake is van een actueel thema behoeft geen betoog. Er zijn immers al vele maatregelen bedacht en ook nog te bedenken die bijdragen aan deze doelstelling. CBAM is daar één van. CBAM maakt onderdeel uit van een pakket aan maatregelen die als doel hebben het EU Emissions Trading System (ETS) te versterken. Het is een mechanisme dat moet leiden tot een 55% netto vermindering van CO2 uitstoot en tot voorkoming van de zogenaamde koolstoflekkage. Deze ontstaat door het verleggen van de productie van goederen naar landen met een minder ambitieus klimaatbeleid dan de EU. Op deze wijze kan de hoge klimaatambitie van de Unie, maar daarnaast ook de beoogde vermindering van de wereldwijde emissie, gefrustreerd worden.

Belangrijke aanpassingen op het oorspronkelijk besluit

De Europese Commissie heeft in december 2022 een aanvulling op haar oorspronkelijk besluit gepubliceerd. De Commissie benadrukt de verantwoordelijkheid van de EU om een leidende rol te behouden in de strijd tegen de klimaatveranderingen. De benadrukking van deze verantwoordelijkheid ziet op de ontwikkeling dat de uitstoot van broeikasgassen door het invoeren van goederen in de EU, is toegenomen. Dit terwijl de EU de uitstoot van broeikasgassen binnen haar grenzen aanzienlijk heeft weten te verminderen.

Uitstel van de overgangsperiode

Zoals wij in onze vorige post over CBAM aangaven zou de overgangsperiode van CBAM oorspronkelijk hebben plaatsgevonden van 1 januari 2023 tot eind 2026. In het besluit van 14 december 2022 is gekozen voor het uitstellen van de transitieperiode. In artikel 32 en artikel 36 lid 2 is te lezen dat de nieuwe aanvangsdatum voor de overgangsperiode 1 oktober 2023 is. De transitie zal naar verwachting duren tot 31 december 2025.

Uitbreiding van de toepasselijkheid

De Europese Commissie heeft daarnaast besloten het toepassingsgebied verder uit te breiden. De reden voor de uitbreiding van het wettelijk kader van CBAM is gelegen in het feit dat bedrijven, mede door de prijsstijgingen van koolstof, behoefte hebben aan zichtbaarheid, voorspelbaarheid en zekerheid op de lange termijn om beslissingen te ‘durven’ maken over investeringen op het gebied van uitstootvermindering.

De lijst zoals opgenomen in bijlage I van de verordening is uitgebreid met de volgende producten:

  • Kaolien
  • Aluminium cement
  • Ferrometalen (met uitzondering van deze producten)
  • Geagglomereerde ijzerertsen en -concentraten
  • Schroeven, bouten, moeren, slotschroeven, schroefhaken, klinknagels, splitpennen, splitpennen, sluitringen, veerringen en dergelijke artikelen van ijzer en staal
  • Andere artikelen van ijzer en staal
  • Aluminium constructies en delen van constructies
  • Aluminium reservoirs, tanks, vaten, blikken en containers
  • Aluminium draad, kabels, gevlochten banden en niet elektrisch geïsoleerd aluminium
  • Andere artikelen van aluminium
  • Waterstof

Indirecte emissies

De definitie van emissies is, ten opzichte van het oorspronkelijke voorstel, uitgebreid met indirecte emissies. Deze emissies vloeien voort uit de opwekking van elektriciteit die wordt gebruikt om goederen te produceren waarop deze verordening van toepassing is. Het opnemen van indirecte emissies moet de milieu-effectiviteit van CBAM vergroten.

Uitgesloten goederen

De Commissie heeft bovendien in artikel 1 lid 2a goederen benoemd waarop de CBAM verordening niet van toepassing is. Het gaat om de volgende goederen:

a) in bijlage I vermelde goederen die in het douanegebied van de Unie worden ingevoerd en waarvan de intrinsieke waarde per zending niet hoger is dan €150, oftewel de waarde die is gespecificeerd voor goederen met een verwaarloosbare waarde. Zie voor nadere uitleg artikel 23 lid 2 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 van de Raad van 16 november 2009.

b) goederen die deel uitmaken van de persoonlijke bagage van reizigers die uit een derde land komen. De voorwaarde daarbij is dat de intrinsieke waarde van dergelijke goederen niet hoger is dan €150. Zie ook artikel 23 lid 2 van Verordening (EG) nr. 1186/2009 van de Raad van 16 november 2009.

c) goederen die worden vervoerd of gebruikt in het kader van militaire activiteiten overeenkomstig artikel 1 lid 49 Gedelegeerde Verordening (EU) 2015/2446 van de Commissie.

Het aanvragen van een vergunning

In artikel 5 van de verordening staat beschreven dat elke, in een lidstaat gevestigde, importeur voordat hij goederen in het douanegebied van de Unie invoert, de status van toegelaten CBAM-aangever moet aanvragen. Wanneer een dergelijke importeur gebruik maakt van indirecte vertegenwoordiging overeenkomstig artikel 18 van Verordening (EU) nr. 952/2013 wordt de aanvraag ingediend door die indirecte douanevertegenwoordiger. Deze moet wel expliciet ermee instemmen om op te treden als een gemachtigde CBAM-aangever, Hetzelfde geldt voor importeurs die niet in de lidstaat zijn gevestigd. In dat geval moet de aanvraag worden ingediend door de indirecte douanevertegenwoordiger.

Belangrijk om te vermelden is dat de regels met betrekking tot het aanvragen van een vergunning pas op 31 december 2024 in werking zullen treden. Dit overeenkomstig artikel 36 lid 3 sub a van de verordening.

Uitbreiding van de lijst van omzeilingspraktijken

De Europese Commissie neemt op grond van artikel 27 van de verordening maatregelen om omzeilingspraktijken aan te pakken. De lijst van dergelijke praktijken kan bestaan uit, maar is niet gelimiteerd tot; het wijzigen van goederen om ze te laten vallen onder HS-codes die niet in Bijlage I zijn vermeld, behalve wanneer door de wijziging hun wezenlijke kenmerken worden gewijzigd; en/of het kunstmatig splitsen van zendingen, waardoor de intrinsieke waarde van de in artikel 2 lid 2 van deze verordening bedoelde drempel niet wordt overschreden.

Wat betekenen deze aanpassingen voor jouw bedrijf?

Importeurs zullen zich moeten voorbereiden op de overgangsperiode. CBAM-aangevers moeten elk kwartaal verslag uitbrengen over de goederen die in dat kwartaal zijn ingevoerd. Dit betreft ook de hoeveelheid direct en indirect in de goederen ‘embedded emissions’ en de CO2-prijs die in het land van oorsprong verschuldigd is. Aangezien de financiële verplichting pas per 1 januari 2026 ingaat, betreft deze verslaglegging dus enkel een rapportageverplichting. De aangever nog geen betaling verschuldigd.

Aangevers kunnen dus nu al aan de slag met hun voorbereidingen. Meer informatie nodig over acties die ter voorbereiding op de overgangsperiode kunnen worden ondernomen? Lees ons artikel 55% CO2 reductie met nieuwe invoerheffing per 2023!   

Bij nadere berichten over CBAM zullen wij jullie op de hoogte brengen middels een nieuw blog. Heeft u vragen over CBAM of wilt u ondersteuning bij de voorbereidende handelingen, stuur dan een bericht aan info@grc-customs.com

Meer nieuws